De natuur leert de banken dat ook zij kapot kunnen

Of we het nu leuk vinden of niet, iedereen in een organisatie heeft te maken met feedback. Hierbij denken we meestal aan het geven of ontvangen van (hopelijk netjes geformuleerd) commentaar op gedrag, met als doel daar wat in te veranderen. De Engelse term komt echter oorspronkelijk uit de techniek.

‘To feed back’ betekent terugleiden of terugvoeren en is een belangrijk element in de meet- en regeltechniek. Regelsystemen, zoals het besturen van de temperatuur in een vertrek, bevatten drie essentiële onderdelen: de instelwaarde (gewenste temperatuur), een meetsysteem (bepaalt de echte temperatuur) en een actie (de verwarming in- of uitschakelen).

Wordt de verwarming ingeschakeld, dan stijgt de temperatuur. Deze informatie wordt teruggekoppeld (feedback) naar het systeem dat vervolgens bepaalt of de verwarming nog aan moet blijven.

Ook organismen zitten vol met regelsystemen, waarbij sprake kan zijn van zowel positieve als negatieve feedback. Dat zijn geen waardeoordelen, maar geeft aan wat het effect is van de feedback.

Negatieve feedback, of tegenkoppeling, is de meest voorkomende vorm en zorgt, net als bij een thermostaat, dat bepaalde voor een organisme optimale waarden worden gehandhaafd. Ons lichaam bijvoorbeeld werkt het best als de temperatuur 37 graden is (instelwaarde) en meet continu of het die waarde daadwerkelijk heeft (sensoren door het hele lichaam). Is de temperatuur te laag dan beven we (actie), omdat de spieren daarbij warmte produceren wordt ons gedrag aangestuurd om een warme trui aan te trekken (actie). Hebben we het te warm, dan zweten we ter afkoeling en zoeken de schaduw op.

Minder voorkomend is positieve feedback, of meekoppeling. Deze processen versterken zichzelf en ontsporen daardoor snel. Een dergelijk sneeuwbaleffect kan zowel in organismen als in technische systemen niet eeuwig doorgaan, omdat die dan dood- of stukgaan. Daarom zit in de praktijk altijd een limiet op dergelijke processen. Bij een bevalling bijvoorbeeld, stimuleert het hormoon oxytocine een wee en deze wee stimuleert de aanmaak van nog meer oxytocine, dat meer weeën veroorzaakt, enzovoort. Deze zichzelf versterkende cyclus zorgt voor steeds heftiger en sneller opeenvolgende weeën (sneeuwbaleffect) totdat de baby is geboren (limiet).

Wordt een tegenkoppeling ontregeld, of is er geen limiet op een meekoppeling, dan wordt het organisme ziek, of gaat het dood. Dit is een belangrijke les: alle systemen kunnen in zo’n geval ‘dood-’(stuk, failliet)gaan. Zo dringt zich de parallel op met de kredietcrisis. Uit analyses daarvan blijkt bijvoorbeeld dat in de financiële sector geen megalomane psychopaten werken (uitzonderingen daargelaten), maar dat vooral het onderliggende systeem tot rare uitwassen leidt.

Een belangrijke bijdrage aan de crisis was falende feedbacksystemen. Enerzijds waren er meekoppelingen, waarvan men de limiet niet zag (wou zien). Bepaalde hypotheekproducten bijvoorbeeld, gingen uit van de onrealistische gedachte dat de huizenprijzen zouden blijven stijgen, juist opgedreven door diezelfde producten. Mede door stijgende rentes werd de (toch echt bestaande) limiet bereikt en werkte de meekoppeling de andere kant op: de huizen- en hypothekenmarkt stortte in.

Anderzijds waren de tegenkoppelingen, die een systeem gezond moeten houden, ontregeld. Zo hadden bonussystemen door hun focus op de korte termijn een verkeerde instelwaarde, wat averechts uitwerkte. De meetsystemen werkten verder niet door onjuiste, misleidende interne informatie maar ook door nieuwe financiële producten die te complex waren om te begrijpen. Mede hierdoor faalde uiteindelijk ook de toezichthouder.

Bovendien werken de essentiële feedbacksystemen niet als financiële instellingen weten dat ze waarschijnlijk worden gered. Het maakt dan immers niet uit waar het instelpunt ligt, welke informatie wordt versterkt, welke actie wordt ondernomen en wat de limiet is. Maar dergelijke systemen gaan altijd dood, stuk of failliet.

Gepubliceerd in dagblad Trouw op 28 maart 2017

Ylva Poelman alias De Bionische Vrouw
E: info@bionicacentrum.nl
T: 06 - 22 79 71 84